zaterdag 31 maart 2012

't Ongekend - I

fictief verhaal


     Tot wederzien, tot wederzien !
     al waar het moge wezen :
     na lang of korten tijd, misschien
     in 't ongekend nadezen !

     Guido Gezelle - 1861


Chrissie


** woensdagochtend **

"Eigenlijk heb ik alleen nog thee of cappuccino uit een zakje."
Jesse stond een beetje bedremmeld in de deuropening. Ik wist niet of ik moest lachen of boos worden. Een zucht ontsnapte (hoorbaar?).
"Doe maar een zakje."
"Een theezakje?"
We schoten in de lach.
"Je bent gek."
Hij liep terug naar de keuken en mompelde nog iets over cappuccino. Ik wilde vragen wat hij zei, maar bedacht me. Jesse, Jesse, waar zit je hoofd toch? Warrom kon hij zo verschillend zijn? Dan weer een huis vol lekkere dingen, dat je je afvroeg of dat ooit op zou gaan voor de houdbaarheidsdatum was verstreken, dan weer als een halve zwerver met een aanrecht vol theezakjes en andere resten van de afgelopen week. Achter m'n ogen prikten tranen, waarom? Om Jesse?
Terwijl ik hem hoorde rommelen in kastjes - op zoek naar oude koekjes of suiker - zag ik hem voor me, zoals hij daar nu waarschijnlijk bezig was. Chaotisch, licht geïrriteerd, op zichzelf, op de hele wereld, kijkend naar wat hij zocht, zonder het te zien.
"Staat daar ergen de suiker?"
"Huh."
"Of hier de suiker stond, dromerig zusje van me, dat vroeg ik, zat je nog in Parijs?"
Ik schrok van zijn ploteselinge aanwezigheid.
"Kwaad geweten?"
"Een  beetje moe nog, hallo, mag het? Ik heb wel even lekker een nachtje op een treinstoel doorgebracht."
"Ik zei toch dat je gek was. Hier."
Stil dronken we onze cappuccino op. Het was in elk geval goed geroerd, daar had niet iedereen het geduld voor. Maar ik heb tenminste een zeefje.
Ik moet hebben gelachen terwijl ik het dacht, want Jesse keek me in een flits strak aan, wantrouwend. Ik schrok van zijn blik. Hoorde hem in gedachte al vragen 'wat lach je', maar we kenden elkaar inmiddels te goed om zoiets nog te hoeven zeggen.
"Ik lach niet om jou, maar om mezelf."
Hij reageerde niet, pakte een boek van de kast, begon er in te lezen, legde het weer neer, keek naar mij en pakte het boek opnieuw. Zonder woorden vroeg hij van alles, zei hij van alles. Ik wilde wat zeggen, maar had geen zin in een discussie. Na dit nachtje had ik behoefte aan rust.
"Ik ga."
Jesse keek me aan, zei nog steeds niets.
"Even mijn benen strekken en wat slaap inhalen".
'Slaap inhalen kan niet', zei de Jesse in mijn hoofd.
Maar Jesse op de stoel zweeg.
Niet mijn dag laten vergallen door zo'n stomme bui. Weggan, niet schuldig voelen, gewoon weggaan. Doe wat je van plan was, dacht het in mijn hoofd. Maar ik voelde me schuldig. Moest ik wat vragen? Het klopte nu in mijn hoofd, alsof er een spijker doorheengeslagen was, tenminste, wat ik me daarbij voorstelde. Mijn hoofd won het van mijn schuldgevoel. Ik gaf Jesse een kus op zijn voorhoofd, pakte mijn tas op en liep naar de deur.
"Chris heeft gebeld."
Chris? Wat moest die? En waarom belde hij naar Jesse? Zou er iets mis zijn gegaan met de verwerking van de aanvragen? Nee, dan zou hij niet naar Jesse hebben gebeld. Ik wilde het vragen, maar Jesse was me voor.
"Niet een hij-Chris, maar een zij-Chris."
Met een zachte plof stond mijn tas weer op de grond. Het voelde alsof ik dat was. Ik staarde naar Jesse, hij staarde terug. Tien jaar, nee, mijn hele leven raasde in enkele seconden, misschien zelfs nog sneller, door me heen. En ik wist dat Jesse dat ook had gehad en waarschijnlijk nog had, vanaf het moment dat ze belde tot nu toe.
Weer voelde ik de tranen achter mijn ogen prikken. Weer datzelfde schuldgevoel als daarnet toen ik weg wilde gaan.
Nee, geen schuldgevoel, dat was het daarnet ook niet. Het lijkt erop. Meer een gevoel wat daaraan verwant is. Het gevoel dat alles anders had kunnen zijn als....
Schuldgevoel verlamt, dan kun je jezelf niet meer tot actie aanzetten, tenminste, zoals ik het zie. Zoals bij mamma, die niets meer van zich laat horen. Die zich, volgens Anneke, heeft verdronken in haar eigen schuldgevoelens ten opzichte van ons, van oma en wie weet wie.
Eigenlijk ten opzichte van zichzelf, denk ik. Maar dat zal ik niet aan Anneke zeggen, ik denk dat ze het niet begrijpt. Ik begrijp zelf al nauwelijks wat ik bedoel, dus hou ik het maar voor me.
Het was lang stil. Al zou iemand zeggen dat het maar drie seconden waren dan had ik het niet geloofd, voor mij leken het uren.
"Ze komt volgende week. Als je haar wil zien, zou ze het erg leuk vinden, maar ze kon zich goed voorstellen dat je dat te moeilijk vond."
Wanneer had hij haar gesproken, hoe lang, waarover hadden ze het gehad, wat deed ze nu, waarom kwam ze, hoe was het met de rest van de familie?
"Ik zal er over nadenken" zei ik en ging.

(wordt vervolgd)

Mariken

Les

Franse les

Al eerder maakte ik deel uit van een groep volwassenen die Franse les hadden in Frankrijk zelf. We waren bij die groep met twee Nederlanders, twee Duitsers, een Engelse, twee Russen, een Cambodjaanse, de Franse leraar en mogelijk ben ik nog iemand vergeten. Het was vooral veel praten en van elkaar leren. Het voordeel van de diverse nationaliteiten was vooral dat je wel Frans met elkaar moest praten. Onlangs probeerde ik een groep wat dichterbij huis, maar met drie Nederlanders en de rest Engelsen val je sneller terug op het Engels om even snel wat te zeggen als je er niet uitkomt.

De methode die onze leraar gebruikte was iemand een minuut of tien, vijftien aan het woord te laten, daarna de rest van de groep vragen te laten stellen. En daarna wat schrijfoefeningen. Zowel het praten als schrijven was rond een grammaticaal thema. Bijvoorbeeld zoveel mogelijk praten in de passé composé, met als hulpvraag 'wat heb je gisteren gedaan?'.

Helaas werd de association opgeheven en was het over met de lessen.

Ruim een jaar later was er echter een nieuwe mogelijkheid voor Franse les bij een soort subdivisie die de opheffing had overleefd. En zodoende ga ik weer elke week ruim dertig kilometer van huis voor ruim twee uur savoir de base. Vanwege de afstand en de stad waar de lessen gegeven worden, profiteer ik meestal van de gelegenheid om ervoor of erna wat boodschappen te doen die ik in mijn directe omgeving niet kan doen. Inclusief een voorraad goedkopere producten bij een bekende Duitse winkelketen.

In de nieuwe groep zit de Duitse man waarmee ik al eerder les had. Voor ons allebei gaat het om FLE = Français Langue Etrangère. De overige volwassenen zijn mensen die maar kort naar school zijn geweest en zodoende (opnieuw) moeten leren lezen en schrijven. Ik kan niet anders zeggen dan dat het een leuke manier is om van elkaar te leren. Zelf heb ik op het VWO Frans geleerd en daarmee de onlogica van bijvoorbeeld een woord als corps, dat je uitspreekt als 'cor'. Degenen die hier al hun leven wonen hebben een grotere woordenschat en - vooral - geen moeite met de uitspraak van een woord als intérieur, waar ik gisteren mijn tong over brak.

Onze grote gemeenschappelijke deler is dat we allemaal RSA krijgen, oftewel bijstand. En de lessen zijn bedoeld om onze kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Bij hetzelfde centrum zijn ook computerlessen, een creatief atelier en nog wat andere lessen die zowel praktisch kunnen zijn, als een manier om je zelfvertrouwen op te bouwen. Dat zelfvertrouwen had ik hard nodig toen ik gevraagd werd een kleine presentatie te houden van onze lessen bij het nieuwjaars-apéritif. Er is toch een verschil tussen toneelspelen - wat ik in Nederland deed - of in het Frans vertellen wat je lessen inhouden.

Naast de Franse les heb ik ook een begeleidster bij het centrum voor een aantal praktische zaken. Inmiddels red ik me met de papierwinkel, maar als ik ergens vastloop kan ik bij haar of één van de collega's om raad of hulp vragen. Zo kan ik volgende week een projet meenemen; iets dat ik moet printen om op te sturen, voor een mogelijk toekomstige inkomstenbron. Al met al kan ik niet anders zeggen dat er hier in Frankrijk de nodige energie wordt gestoken in het helpen van mensen om uit de bijstand te komen. En ik wil niets liever dan dat. Onafhankelijk zijn van instanties.

Overigens werd ik vlak voor de Franse les gebeld door een wijngaardenier uit mijn dorp. Of ik maandag kan komen werken. Gedeclareerd! Maar wel dezelfde uren als de rest, dat betekent om 7.15 uur verzamelen bij zijn cave. Bij wijze van uitzondering was afgesproken met de vader van mijn kind dat hij hem maandag naar school zou brengen, dat komt dus goed uit. Hoe ik het daarna moet regelen, geen idee. Maar het geeft in elk geval het gevoel dat ik op weg ben naar een zelfstandiger leven!

Mariken

dinsdag 27 maart 2012

Bijstand

Bijstandsmoeder....

in Zuid-Frankrijk


Daar zit je dan, buiten in het zonnetje te genieten van het zuid-franse voorjaarsweer. De vogeltjes kwetteren, de hond knaagt op een stok, zelf een kopje koffie in de hand. Leven als god in Frankrijk.

Maar die laatste zin, daar zou eigenlijk een vraagteken achter moeten. Ten eerste al, omdat ik niet weet of god überhaupt koffie drinkt. Maar vooral omdat het een uitdrukking is die positiviteit uitdrukt. En dat terwijl mijn hersenen op volle toeren werken met de vraag of ik deze maand tot het einde toe boodschappen kan doen. Mijn auto had een nieuw onderdeel nodig. Een tendeur. Met de garagekosten en nog een ander euvel dat nodig verholpen moest worden kreeg ik een rekening van bijna 170 euro. Dat wist ik van tevoren. Beter dit, dan dat mijn auto door het niet-vervangen en panne raakt. Je hebt hier nu eenmaal een auto nodig, zelfs al is het minimaal. Maar het is toch een hoop geld.

Voor mij is het minimale een formation om mijn Frans te verbeteren. In een ver verleden, zo'n 25 jaar terug heb ik drie, vier jaar Frans gehad op het VWO. En inmiddels lukt het naar behoren met alle papieren. Maar de uitspraak blijft moeilijk, het verschil tussen de F en de V. Tussen CH, J, G enzovoort. En daarbij wil ik goed Frans leren schrijven, om zo meer kans te hebben op werk. Of beter gezegd: gedeclareerd werk. Want ik kan af en toe links of rechts wel eens wat huishoudelijk werk doen, of eens een dagje in de wijngaarden helpen, en dat levert dan een kleine bijdrage op. Maar officieel, op papier, ben ik 'slechts' bijstandsmoeder en vrijwilliger voor de regio. Niet iets om je voor te schamen, maar ik zou toch graag mijn kopje koffie met een kopzorg minder drinken!

Mariken