maandag 15 oktober 2012

Impasse

Na zo'n vier weken vendange - ik moet nodig eens schrijven dat druiven NIET geplukt worden - zit ik in een impasse. Er zit van alles in mijn hoofd om te schrijven, maar het komt er niet uit. Mijn tijd wordt ook wel in beslag genomen door belangrijke en achterstallige zaken, maar het is een stukje rust dat ontbreekt. Of misschien juist wel onrust; de onrust die aanzet tot schrijven.

Het heeft - ook - te maken met wachten. Wachten op een paar beslissingen van andere mensen waardoor mijn leven een (iets) andere wending kan nemen. Kan ik toch binnenkort dat huisje huren? Lukt het om die vriendin thuis te treffen die werk voor me heeft? Wanneer zal die vriend tijd hebben om de te laag hangende tak in mijn tuintje af te zagen?

Er is genoeg te doen waarbij ik niet van tijd of "ja" van anderen afhankelijk ben, maar het werkt toch enigszins verlammend als er meerdere zaken tegelijk in het bakje 'afwachten' liggen.

Loslaten.

Mariken


't Ongekend - XXV

(vervolg)

Het zat inmiddels behoorlijk vol bij Jesse. Nog een stuk of zeven onbekenden zo te zien. Gelukkig was het te vol en niet het soort publiek voor een rondje kennismaking. Suzanne was wel ingegaan op het aanbod van Jeffrey en George. Boven hen, op de leuning van de bank, zaten Harold en Peter. Kennelijk hadden ze met zijn vijven een diepgaand gesprek, want geen van het keek op toen één van de onbekende gasten vroeg of hij voor het beeld zat. Hij zat voor de bank, tegen de zijkant aangeleund, met naast hem een klein uitgevallen meisje met een stuk of twintig vlechtjes in haar haar. Of het was net zijn vriendin, of ze zou het bijna zijn, zo dichtbij zat ze.
Ik deed de deur dicht en ging daar met Daniëlle tegenaan zitten. Daniëlle stond gelijk weer op.
"Wil jij wat drinken of eten?"
"Doe maar een sapje. Ik zorg wel voor een bak met etenswaren."
Op dat moment ging de bel. Er kwamen nog vier collega's van Jesse binnen. Deze had ik wel vaker gezien. Daniëlle kwam bij me in de keuken.
"Dat zijn toch die figuren die toen bij de barbecue waren?"
"Ja, klopt. Die met die donkere haren heet volgens mij Martijn of Maarten, die met die bril heet Peter, het meisje Sophie, alleen die vierde weet ik niet meer."
"Was het niet iets van Klaas?"
"Ja, zo'n soort naam."
Jesse kwam naar de keuken om drinken voor ze in te schenken.
"Hoe heet die jongen met dat groene truitje ook alweer?"
"Hein."
Bijna schoot ik weer in de lach.
"Oja", zei Daniëlle.

De wedstrijd zelf kon me niet erg boeien. Voetbal is nou eenmaal niet mijn favoriete sport. Zeker niet om naar te kijken. Daarbij kwam dat ik nogal werd afgeleid door Jesse en Hooghartje. Af en toe wisselden Daniëlle en ik even een korte blik van verstandhouding. Het was jammer dat ik Suzanne niet kon zien. In haar plaats was ik liever niet aanwezig geweest. Misschien dat ze daarom tussen die malloten was gaan zitten.
Jesse zat duidelijk helemaal in de wedstrijd. Als altijd. Met Suzanne hadden we altijd iets van plaatsvervangende schaamte gehad. Hij gilde het hardst als er bijna gescoord was of wanneer er een fout werd gemaakt.
Hooghartje was kennelijk wat anders van plan dan voetbal kijken. Twee keer stond ze op om wat te eten te pakken, maar om daarbij te kunnen moest ze haar stoel een stukje opschuiven... in de richting van Jesse, zodat ze uiteindelijk zo dicht naast hem zat dat ze lichamelijk contact hadden. Het was echter niet genoeg voor Hooghartje, want Jesse reageerde niet, dus deed ze haar rechterbeen over haar linker, waardoor haar voet het been van Jesse raakte.
"O sorry."
Jesse keek verstoord op, glimlachte even naar haar, maar draaide meteen weer zijn gezicht naar de televisie. Ik waagde het maar niet om naar Daniëlle te kijken, want we hadden het waarschijnlijk ternauwernood overleeft.
Een halve minuut voor rust scoorde de favoriete partij hun tweede doelpunt. De helft van de meute sprong op en het leek er even op dat het huis zou instorten. De overige dertig seconden werd er flauw gespeeld en toen was onze rust voorbij. Suzanne keek verbaasd naar me.
"Emma! Ik dacht dat je er niet was."
"Ik was één van de laatste en jij was net heel druk aan het praten met die jongens."
"Ja, heftige gesprekken voeren die, maar niet heus."
"Héhéhé, worden wij niet meer serieus genomen?"
Jeffrey sloeg een arm om haar nek en kneep die een beetje toe.
"Oké, het was ont-zet-tend boeiend. Maar nu moet je me loslaten, want het is plaspauze."
"Kan ik de dames iets te drinken of te eten brengen?"
"Gaarne een paar toastjes met Franse kaas. Wil iemand wat drinken?"
"Sap."
"Bier."
"Had ik kunnen weten. Jongens en voetbal, dat kan niet zonder bier."
"Jij ook toastjes, Emmy dear?"
"Als je toch bezig bent."
Voor Jeffrey waren vrouwen duidelijk belangrijker dan voetbal, want hij smeerde het ene toastje na het andere voor ons. Ook tegen Daniëlle deed hij enthousiast. Dat viel me mee van hem. Terwijl die gedachte bij me opkwam besefte ik dat dat een vooroordeel was. In feite was het Jesse die haar als lucht beschouwde, Jeffrey had dat nooit gedaan als hij aanwezig was bij onze gezellige avonden. Wonderlijk hoe je in zo'n korte tijd zoveel mensen anders kon zien. Ik begon een beetje meer vertrouwen in de algemene goedheid van anderen te krijgen. Een enkele uitzondering daargelaten.
Ik liep naar de keuken om nog een rondje drinken te halen.
"Emma, mag ik je even voorstellen."
Achter me stond Jesse met Hooghartje. Ik zette de glazen neer en stak mijn hand uit.
"Hai, ik ben Emma."
"O ja, jij bent de zus van Jesse. Hij heeft me over je verteld. Ik ben Chantall(e)."
Ze praatte net een beetje te gearticuleerd en sprak haar naam zo Frans uit dat ik vermoedde dat ze niet van Nederlandse komaf was.
"En jullie kennen elkaar van?"
"Mijn neef, Hans, staat achter de bar in het stamcafé van Jesse en zijn vrienden."
"Hans?"
"Eén van die jongens waarmee ik ben gekomen. Fred is ook van het café. We hebben elkaar daar ontmoet. Jesse en ik, bedoel ik."
"Ah."
Ja, wat moest ik daar verder op zeggen? Ze vond het zelf blijkbaar ook genoeg, want ze draaide zich alweer om om terug te lopen naar de huiskamer. Ik pakte de glazen weer op en wilde de keuken uitlopen.
"En?"
Jesse stond me met hondenogen aan te kijken.
"Wat, en?"
"Nou. En? Wat vind je van haar?"
"Tja, wat vind ik van haar, ik ken haar nauwelijks."
"Maar je hebt toch wel een beetje een beeld gevormd?"
Ja dat had ik zeker. Maar moest ik dat aan Jesse gaan vertellen? In het ergste geval zou hij kwaad worden en me tot in details uit gaan leggen waarom ik 'Chantall(e)' de meest geweldige vrouw op aarde moest vinden. In het minste geval zou hij niet horen wat ik te zeggen had en had het dus weinig zin om te reageren.
"Is ze Frans?"
"Wat stel jij rare vragen. Kan je niet gewoon antwoord geven, ofzo?"
"Jesse, ik zal het je eerlijk zeggen. Nee, ik vind het niks. Ze zal best aardig zijn, maar mijn type is het niet."
"Nee, jij valt op mannen, maar..."
"HET BEGINT WEER!"
Die bewering was niet helemaal waar, maar het werd wel hoog tijd om onszelf weer te installeren.
Daniëlle en Jeffrey waren op de stoelen van Jesse en zijn nieuwe vlam gaan zitten en leken zo druk in gesprek dat ze niet zagen dat zij daar graag weer wilde plaatsnemen. Jesse zelf was verdwenen. Harold had de plek van Jeffrey ingenomen, zodat er een plaats op de leuning van de bank was vrijgekomen. Ik installeerde me naast Peter.
"Is dat grietje de nieuwe vlam van Jesse?" vroeg hij zacht aan mij.
George bromde iets onverstaanbaars.
"Wat zei je?"
"Dat het niet te hopen is voor hem. Dan is het gedaan met de lol."
"Hoe weet jij dat?"
"Ze is de ex van een maat van me. Die heeft een jaar of drie met haar samengewoond, die kerel is knettermesjokke geworden. Ze is zo'n type dat overal haar moeder bij haalt. Hij had geen enkele zeggenschap over de inrichting of wat dan ook."
"Hoe heet ze?"
"Chantal, maar ze denkt zelf dat ze daardoor Frans is, dus kijk uit hoe je het uitspreekt."
"Hé Sjoantol, ben je je plekkie kwijt? Je kan hier nog wel zitten hoor, op de zijkant."
Een giftige blik naar Peter bevestigde George's woorden. Ze nam plaats bij de deur, waar ik net had gezeten.


(wordt vervolgd)

Mariken